Ondernemers die gebruikmaken van de youngtimerregeling kunnen in 2026 nog rekenen op de huidige fiscale voordelen. Vanaf 2027 verandert de regeling echter ingrijpend. De overheid verhoogt de leeftijdsgrens fors, waardoor veel zakelijke rijders vanaf dat moment te maken krijgen met een hogere bijtelling.
Op dit moment geldt een auto als youngtimer wanneer deze minimaal 15 jaar oud is. Voor zulke auto’s wordt de bijtelling berekend over 35% van de actuele marktwaarde, in plaats van over 22% van de oorspronkelijke cataloguswaarde. Omdat de dagwaarde van oudere auto’s doorgaans lager ligt, pakt dit fiscaal gunstig uit voor veel ondernemers.
Deze regeling is vooral populair onder zzp'ers en mkb’ers die kiezen voor een betaalbare auto met lagere afschrijving.
In 2026 wordt de eerste stap van de versobering doorgevoerd. Vanaf dat jaar moet een auto minimaal 16 jaar oud zijn om nog onder de youngtimerregeling te vallen.
Om te voorkomen dat auto’s die in 2025 nog wél kwalificeerden in 2026 ineens onder de standaardbijtelling vallen, is er een overgangsregeling vastgesteld:
Vanaf 1 januari 2027 wordt de youngtimerregeling verder aangescherpt. Een auto komt dan pas in aanmerking wanneer deze 25 jaar of ouder is.
Voor zakelijke rijders met auto's tussen 15 en 25 jaar betekent dit dat zij vanaf 2027 niet langer van de dagwaardebijtelling kunnen profiteren. De bijtelling wordt dan berekend volgens het standaardtarief van 22% op basis van de oorspronkelijke cataloguswaarde. Dit kan de maandelijkse fiscale bijtelling flink verhogen.
De versobering maakt deel uit van bredere aanpassingen in de autobelastingen. De overheid heeft hiervoor twee hoofdredenen:
De impact van deze wijziging is groot. Brancheorganisaties verwachten dat tienduizenden zakelijke rijders worden geraakt en dat de waarde van veel huidige youngtimers sterk daalt. Handelaren vrezen dat zij met grote voorraden blijven zitten.
Ondernemers doen er verstandig aan om tijdig te beoordelen wat deze veranderingen betekenen voor hun mobiliteit en fiscale planning.