De groei van het aantal bedrijven in Nederland is in 2025 uitzonderlijk laag gebleven. Op 1 januari 2026 stonden er 2.599.668 vestigingen geregistreerd bij de Kamer van Koophandel, een stijging van slechts 1 procent ten opzichte van een jaar eerder. Zo’n beperkte groei is al lange tijd niet meer voorgekomen.
Deze stagnatie hangt nauw samen met twee ontwikkelingen: er startten in 2025 10 procent minder ondernemers dan in 2024, terwijl het aantal stoppers juist 18 procent hoger lag. In vrijwel alle sectoren nam het aantal bedrijfsbeëindigingen toe. Vooral onder zzp’ers viel dit op: zij stopten 19 procent vaker, terwijl het aantal startende zelfstandigen 13 procent daalde.
Opmerkelijk genoeg daalde het aantal faillissementen in dezelfde periode juist met 21 procent. Een mogelijke verklaring is dat ondernemers eerder besluiten te stoppen voordat hun financiële situatie verslechtert.
Volgens Joris Knoben, hoogleraar Strategie en Ondernemerschap aan Tilburg University, is er sprake van een duidelijke stagnatie in het Nederlandse ondernemingsklimaat. Hij noemt het gebrek aan groei zorgelijk. Volgens Knoben vlakt de vernieuwing af en blijft het aantal starters, vrouwelijke ondernemers en oudere ondernemers achter. Dat leidt tot minder dynamiek in de economie.
Hij vraagt zich hardop af of er nog genoeg nieuwe bedrijven bijkomen die kunnen uitgroeien tot de grotere spelers van de toekomst.
Knoben ziet de daling van het aantal starters voornamelijk bij zzp’ers, maar benadrukt dat dit alle ondernemingsvormen treft. Zowel economische onzekerheid als onduidelijkheid over beleid rond bijvoorbeeld schijnzelfstandigheid, Europese regelgeving en internationale handel spelen daarin volgens hem een grote rol.
Hoewel in 2025 opnieuw werd gevreesd voor een golf aan faillissementen, bleef deze uit. Het aantal faillissementen daalde zelfs verder.
Knoben verklaart dit door te wijzen op sectoren zoals zakelijke dienstverlening, waar ondernemers relatief lage vaste kosten hebben en daardoor problemen eerder zien aankomen. Zij kunnen tijdig besluiten hun bedrijf te beëindigen voordat een faillissement onafwendbaar wordt.
KVK merkt dat ondernemers die overwegen te stoppen vaak meer vragen hebben dan alleen hoe zij zich uitschrijven. Ondernemersadviseur Christiaan Hazelaar benadrukt dat stoppen óók ondernemerschap is, maar dat het geregeld wordt onderschat hoeveel er bij komt kijken.
Beëindiging van een bedrijf betekent niet automatisch dat fiscale verplichtingen, schulden of contracten verdwijnen. Hazelaar ziet regelmatig dat ondernemers verrast worden door wat er nog moet worden geregeld. KVK helpt bij het in kaart brengen van risico’s, realistische opties en passende routes om een onderneming zorgvuldig te beëindigen.
BRON: KVK