FNV ZZP

Werken in coronatijd: 'Ik mis een sparringpartner en het was zoeken naar hoe het werkbaar blijft'

Werken in coronatijd: 'Ik mis een sparringpartner en het was zoeken naar hoe het werkbaar blijft'

Eva van Bommel (43) woont en werkt sinds zo’n vier jaar als zzp kraamverzorgster in Groningen. ‘Als kraamverzorgster ben ik kortgezegd de handen, ogen en oren van de verloskundige en assisteer ik bij de bevalling,’ legt Eva haar werk uit. ‘Daarna volgt de kraamweek waarin ik moeder en kind begeleidt en dat rapporteer aan de verloskundige. Ontzettend leuk werk om te doen, totdat een paar maanden geleden corona kwam…

'Toen merkte ik opeens dat ik een sparringpartner miste, dat ik een organisatie miste die me meenam en voor m’n belangen op komt. Ik heb ook geen vriendinnen in m’n vakgebied waarmee ik kan overleggen. Wel heb ik ontdekt dat er een coöperatie is, maar daar heb ik me bewust niet bij aangesloten. Ik wil het echt zélf doen. Wel hebben we een zzp-app groep, die eigenlijk bedoeld is om elkaar te back-uppen bij ziekte of anderzijds. Elke regio in Nederland heeft zo’n groep en de een is wat actiever dan de ander. In Noord-Nederland is ‘ie niet echt actief. Er zijn ook niet zo heel veel zzp kraamverzorgsters, dus daar had ik niet veel aan qua overleg over coronamaatregelen. Het was dus ontzettend zoeken naar hoe het werkbaar blijft.’


Chronisch ziek

‘Ik merk duidelijk dat ik vaak niet op dezelfde golflengte zit met collega zzp-kraamverzorgsters en verloskundigen,’ vertelt Eva. ‘Ik werk voornamelijk met caseloaders uit de regio. Mijn werk is hollen of stilstaan. Ik heb het nu op dit moment best druk, maar ben de afgelopen weken ook wel klanten kwijtgeraakt vanwege de coronacrisis. Zelf ben ik chronisch ziek, heb twee auto-immuunziektes en mijn dochter heeft een longaandoening, dus ik ben heel voorzichtig want ik behoor tot de risicogroep. Daarom heb ik voor mezelf al heel vroeg in maart, toen de ziekte zich begon te verspreiden, de beslissing genomen om mijn eigen regels te volgen. Ook omdat ik vanuit de branchevereniging zóveel nieuws kreeg en de regels over veilig werken zó breed te interpreteren waren dat iedereen ze weer anders uitlegde. Dat resulteerde weer in heel veel verdeeldheid; iedereen deed maar waar ‘ie zelf zin in had, met of zonder kraambezoek, mondkapje of bescherming.’

undefined

Grenzen
‘Ik heb daarin heel duidelijk wel m’n grenzen aangegeven: dit doe ik wel, dat doe ik niet. Dat heb ik al m’n klanten ook al vrij snel laten weten. Zo hadden ze zelf ook de keus om met mij verder te gaan, of eventueel naar een andere kraamverzorgster te gaan. Dat kostte me klanten. Vrouwen kozen voor een ander, omdat ik aangaf dat ik de 1,5-regel vrij serieus neem en beschermingsmiddelen wilde dragen. Ik wilde een dummy gebruiken om een aantal handelingen uit te leggen en vroeg moeders ook om zelf een mondkapje te dragen als ik te dicht bij iemand kom. En ik vraag of mensen me het willen melden als ze klachten hebben, of in aanraking zijn geweest met iemand die klachten heeft.’

 

Minder inkomsten

‘Ik ben tijdelijk overgegaan op minimale zorg, al zit ik momenteel in een gezin waarin ik weer volledig meedraai. Ik heb gemerkt dat heel veel zorg prima gecompact kan worden. Zeker nu een aantal geboortewerkers, zoals de verloskundige en de GGD, niet meer of heel minimaal aan huis komen. Ook scheelt het aanzienlijk dat er geen bezoek mag komen. Omdat je je beperkt tot de noodzakelijke zorg kun je vaak prima met minder uren aan. En minder uren draaien houdt je scherp en alert en zorgt er voor dat je doet wat je moet doen en zo min mogelijk langdurig in elkaars aura verblijft.

Ik hoor ook heel vaak: ‘Wat maakt het nou uit, of je drie uur hier bent, of acht uur…’. Maar het verschil tussen 3 uur of 8 uur in een gezin is qua afstand houden enorm merkbaar gebleken voor mij. Hoe korter je je fysieke nabijheid maakt, des te kleiner de eventuele kans op een coronabesmetting. Daarbij komt dat je meer taken doet in die acht uur en dus meer risico loopt. Die compactere zorg kon ook goed in heel veel gevallen. Wel betekende dat voor mij een enorme achteruitgang in inkomsten. Als je halve dagen gaat draaien, dan werk je bijvoorbeeld van 11 tot 15 uur. Daarvoor en daarna doe je ook niks. Dat scheelt mij al met al de helft aan inkomsten. Ook daarom heb ik TOZO aangevraagd, maar ben daarvoor afgekeurd. Wel ga ik ‘m nu opnieuw aanvragen voor de maanden april, mei en juni en hoop ik dat de aanvraag dan wel goedgekeurd wordt.’

 



Meer over ondernemen tijdens de coronacrisis lees je in onze brochures.

Ben je lid van FNV Zelfstandigen? Download de brochures dan via ons Kenniscentrum voor leden.

 

Download de brochure

 

Wanbetalers in de coronacrisis

 FAQ's over de togs

Download de brochure

 

Download de brochure

 

Download de brochure

 

Ga naar de speciale pagina