FNV ZZP

Interview Ton Heerts in FD is lelijke uitglijder

Laatste update: 18 april 2016

Interview Ton Heerts in FD is lelijke uitglijder

Ton Heerts, voorzitter van de FNV, spreekt zich vandaag in het FD scherp uit over de positie van de zelfstandige in het fiscaal en sociaal stelsel. De scherpte in de toonzetting leidt tot veel reactie. Dat is niet vreemd. Wij concluderen dat het een forse uitglijder is.

Ton’s expliciete en scherpe stellingname over de zelfstandigenaftrek is verbazingwekkend. Waar Ton nu verwijst naar een ‘bezuiniging’ van 500 miljoen op de zelfstandigenaftrek, ondersteunde de FNV in 2013 de petitie om deze bezuiniging juist ongedaan te maken. Vorige week organiseerden de NVJ en KIEM, beide bij de FNV aangesloten, een hoorzitting over het belang van de zelfstandigenaftrek voor de creatieve sector. Tijdens deze hoorzitting gaf FNV-bestuurder Edwin Bouwens in een genuanceerd betoog aan dat de zelfstandigenaftrek een belangrijk instrument is dat niet zomaar wegbezuinigd mag worden.

Ook het feit dat Ton elke gedachte over het vernieuwen van het sociaal stelsel afwijst is vreemd. In de zeer onlangs door de FNV gepubliceerde belastingnota staat:“De FNV … wil een beter evenwicht in de behandeling van werknemers en zelfstandigen, zowel in de fiscaliteit als in de sociale zekerheid.” …. “Het simpelweg wegbezuinigen van de zelfstandigenaftrek lost de problemen voor de (economisch) afhankelijke zelfstandigen en de schijnzelfstandigen niet op.” …. “Het verhogen van de arbeidskorting biedt evenwel wel de mogelijkheid om de zelfstandigenaftrek inkomensneutraal aan te passen.” …. “Zelfstandigen moeten zich beter kunnen verzekeren tegen risico’s van arbeidsongeschiktheid en pensionering. Zo wordt verzekeren de standaard, zodat de risico’s voor zelfstandigen en voor de samenleving als geheel worden beperkt.”

Volgens het voorwoord van deze nota is deze visie gebaseerd op een enquête onder 6.143 werkenden, waaronder 5.091 FNV-leden. Op de vraag: “Zzp‘ers die gebruik kunnen maken van de zelfstandigenaftrek betalen procentueel minder belasting dan mensen werkzaam in loondienst. Wat vind je daar van?” antwoordde 62% van de respondenten met een mening deze situatie “terecht” te vinden. Een meerderheid van de FNV-leden vindt het dus terecht dat zelfstandigen procentueel minder belasting betalen dan mensen in loondienst.

Vanuit dit perspectief is de scherpte in Ton’s stellingname absoluut niet maatgevend voor de discussie binnen de FNV over de positie van de zelfstandige. Wij kunnen daarom dan ook niet anders dan concluderen dat dit een forse uitglijder is.

Een breder perspectief
Zijn wij het geheel oneens met de strekking van het interview? Neen. Wij delen de zorgen die ten grondslag liggen aan Ton’s betoog: schijnzelfstandigheid en onderbetaling is ongewenst en stellen ons voor nieuwe problemen. Voor deze groepen zorg, bouw en pakketbezorgers (10%- 15% van de zelfstandigen) moeten we oplossingen bedenken.

We moeten nadenken hoe ons sociale en fiscale stelsel kan worden vernieuwd zodat we recht doen aan de nieuwe dynamiek op de (arbeids-)markt en tegelijkertijd voorkomen dat specifieke groepen de dupe worden. Het is essentieel om integraal beleid te maken: de fiscale behandeling en de positie in het sociale stelsel kan je alleen maar in samenhang beoordelen.

Het is evident dat je niet alle problemen oplost binnen het (generieke) stelsel. Samen met andere ZZP-organisaties én samen met FNV en CNV-vakmensen bepleiten wij een sectorale aanpak van concrete problemen.

Ton spreekt uit dat zelfstandigen ondernemers zijn en concludeert dat je ondernemers niet in het (bestaande) werknemersstelsel moet proppen. Dat is mooi. Dat hij vervolgens bepleit om verder elke dialoog over het stelsel als “aanval” te zien, doet wat ons betreft volledig onrecht aan de dynamiek op de arbeidsmarkt. Een dynamiek die zowel bestaat uit flexibilisering (uitzendkrachten, oproepcontracten, payrolling, tijdelijke contracten) als uit een toenemende behoefte aan autonomie, ondernemerschap en vrijheid (verzelfstandiging).

De onmacht om tot genuanceerde uitspraken te komen bij vele partijen, is herkenbaar. Vaak is er een voorspelbare strijd: links vs. rechts of werkgevers vs. werknemers. De positie van de zelfstandige lijkt niet alleen tussen, maar juist ook binnen die geledingen tot forse meningsverschillen te leiden. Binnen Kamerfracties, binnen werkgeversorganisaties en ook binnen de FNV herkent iedereen dezelfde problemen, maar heeft (nog) niemand een concreet beeld bij een duurzame en samenhangende oplossing.