FNV ZZP

De zzp'er: wegwerpartikel of blijvertje?

Laatste update: 18 april 2016

Over de band tussen zelfstandig ondernemers en hun opdrachtgevers

Een zelfstandig ondernemer komt binnen, doet zijn klus en gaat dan weer weg, zonder dat er ook maar iets van een band of relatie met de opdrachtgever ontstaat. Dat is het beeld dat veel mensen hebben. Maar is dat wel zo?

In mijn werk zie ik regelmatig zzp’ers die terugkeren bij een opdrachtgever en dan achtereenvolgens verschillende projecten uitvoeren bij dezelfde organisatie. Ook bij mijn eigen organisatie is er een aantal zelfstandig ondernemers die we al jarenlang kennen en die we graag terugvragen, bijvoorbeeld een tekstschrijver, een ICT-er en een jurist. Deze en andere voorbeelden wijzen erop dat veel zzp’ers wel degelijk een band opbouwen met hun opdrachtgevers en vice versa. Er zijn waarschijnlijk talrijke voorbeelden van zzp’ers die een betere relatie hebben met hun opdrachtgever dan een werknemer binnen dezelfde organisatie.

Toch blijft het beeld dat zelfstandig ondernemers willekeurige passanten bij hun opdrachtgevers zijn hardnekkig. In het onlangs verschenen rapport “Bevrijd of beklemd” van het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP) werd op pagina 27 tussen neus en lippen door gesteld dat het psychologisch contract tussen opdrachtgever en opdrachtnemer minder sterk is dan die tussen werkgever en werknemer. Deze bewering komt vaker voor in debatten over zzp’ers, ook in mijn werk als belangenbehartiger bij FNV Zelfstandigen. Ik denk hier echter heel anders over.

Het psychologisch contract is een theorie uit de organisatiekunde en staat voor de ongeschreven band tussen werk- of opdrachtgever en werk- of opdrachtnemer. Er is veel te vinden over deze theorie, onder meer in blogs, wetenschappelijke artikelen en publicaties. Het psychologisch contract wordt omschreven als “een serie onuitgesproken verwachtingen en omgangsnormen” en “een perceptie van beloftes […], uitgesproken of implicitiet” tussen de opdrachtgever en de opdrachtnemer. Een werknemer verwacht bijvoorbeeld goede voorwaarden, ontwikkelmogelijkheden en waardering, en biedt in ruil daarvoor kennis, tijd en inzet.

Waarschijnlijk gaat het SCP er in haar rapport vanuit dat de opdrachtgever zich minder verantwoordelijk voelt voor de opdrachtnemer dan de werkgever voor zijn werknemer. Hierdoor zou de opdrachtgever zich niet interesseren in de ontwikkeling van de opdrachtnemer. Dit is wellicht goed te verdedigen, maar dit betekent niet direct dat het psychologisch contract bij zzp’ers slechter is. Maar als dit als absolute waarheid wordt gesteld ontstaat het beeld van de zzp’er die wordt ingehuurd en na gebruik klakkeloos van de hand wordt gedaan. Dit strookt vaak niet met de realiteit.

Het psychologisch contract is verschillend voor ieder individu. Dat die van een zzp’er dus verschilt van iemand in loondienst bij hetzelfde bedrijf, zegt verder niets over de kracht van dit psychologisch contract. Opdrachtgevers investeren inderdaad minder snel in tijdelijk ingehuurde krachten, maar dit wordt ook niet verwacht vanuit de zzp’er. Opleidings- en doorstroommogelijkheden zijn geen onderdeel van de wederzijdse verwachtingen. Andersom bevat het psychologisch contract tussen opdrachtgever en –nemer andere aspecten waar iemand in loondienst wellicht minder waarde aan hecht zoals flexibiliteit en onafhankelijkheid of de kans om via een opdracht nieuwe ervaring op te doen.

Kortom: het draait allemaal om wederzijdse verwachtingen. En met dat in het hoofd bouwen veel zelfstandig ondernemers keer op keer een sterke relatie op met hun opdrachtgevers

Laat een reactie achter
Verzend mijn bericht